De Rekenbrug, de weg naar de toekomst

Dit bericht is geplaatst op Tuesday, December 20th, 2011 om 12:02  • opgeslagen in de categorieen:

Ik heb de afgelopen maanden hard gewerkt aan een boekje over de Rekenbrug. De Rekenbrug is een samenwerkingsproject tussen het Pius X College en Onderwijsstichting KempenKind over afstemming van het rekenonderwijs tussen VO en PO. Het project is zeer succesvol en heeft nu een mooi boekje waar ik trots op ben. Ook opdrachtgever Giralis Groep uit Den Bosch is zeer tevreden.

Passend onderwijs onevenredig zwaar gepakt

Dit bericht is geplaatst op Friday, March 25th, 2011 om 16:06  • opgeslagen in de categorieen:

Het worden zware jaren; het kabinet Rutte haalt de bezem door Nederland. Er wordt veel afgebroken dat in de afgelopen jaren met veel inspanning en enthousiasme is opgebouwd, vooral in het onderwijs. De komende vier jaar wordt er 18 miljard euro bezuinigd. In eerste instantie is dit een astronomisch bedrag waarvan je gaat duizelen. Als we dit bedrag nader onder de loep nemen, is het echter minder gigantisch. Het bbp (bruto binnenlands product) op jaarbasis bedraagt in Nederland ongeveer 250 miljard. In vier jaar is dat dus 1000 miljard. Een bezuiniging van 1,8 procent: flink maar minder dramatisch dan het in eerste instantie lijkt. Een gezin met een modaal inkomen krijgt geen slapeloze nachten van 1,8 procent minder in het loonzakje. Modaal inkomen is ongeveer 30.000 euro. Dat betekent 1.8 procent x 30.000 = 540 euro. Dat betekent een paar dagen minder op vakantie, een paar schoenen minder, een avondje minder uit, één keer minder naar de bioscoop en één keer minder uiteten. Dat moet te doen zijn en tast de kwaliteit van het leven nauwelijks aan.

Heel anders ligt het bij Passend onderwijs. Het kabinet bezuinigt jaarlijks 300 miljoen euro op Passend onderwijs. In totaal wordt er aan zorg in het PO en VO 3,7 miljard euro uitgegeven. Er wordt echter alleen maar bezuinigd op de zware zorg waaraan jaarlijks 1,1 miljard wordt besteed. Dat betekent een bezuiniging van ruim 27 procent. Dit staat in geen enkele verhouding tot de bezuiniging van 1,8 procent op de hele begroting van de regering.

Ik verbaas me er steeds over dat ik in kranten of op televisie nooit dergelijke cijfers lees of hoor. Ook politici (van de oppositie) maken dit soort eenvoudige berekeningen niet, terwijl daarmee toch duidelijk kan worden aangetoond dat de zwakste kinderen in onze samenleving onevenredig zwaar worden gepakt. Tel daar de hervormingen in de Wajong bij op en het is zonneklaar dat de huidige regering er vooral is voor de burgers die het zonder hulp van de overheid ook wel redden.

De minister heeft geld nodig om prestatiebeloning in te voeren in het onderwijs. Deze prestatiebeloning is omstreden zoals onder meer blijkt uit de discussie die daarover wordt gevoerd door het PO Netwerk op Linkedin. Prestatiebeloning leidt tot onrust in het onderwijs. Die onrust is overigens geen reden om prestatiebeloning niet in te voeren. Het is echter de vraag of scholen en hun leidinggevenden wel toe zijn aan prestatiebeloning. Prestatiebeloning vereist onderwijskundig leiderschap. Leidinggevenden moeten op de hoogte zijn van de kennis en kunde van hun leraren. Ze moeten leraren aanspreken op hun functioneren; ze moeten begeleiden en coachen, pas dan kunnen ze een goed personeelsbeleid voeren, waarin prestatiebeloning een plaats kan hebben.

Het geld haalt de minister weg bij Passend onderwijs. Ik heb al geconstateerd dat het invoeren van prestatiebeloning leidt tot onrust. Met een beetje goede wil zou je deze onrust kunnen benoemen als positief omdat het leidinggevenden uitnodigt een goed personeelsbeleid te voeren. Dat het geld wordt weggehaald bij Passend onderwijs, leidt niet tot onrust maar tot een ravage. De PO-Raad heeft deze ravage op papier gezet. Ik noem een aantal punten:

  • Veel schoolbesturen voeren het zogenaamde werkgelegenheidsbeleid, als gevolg daarvan kunnen ze werknemers niet in RDDF plaatsen en ze moeten deze leraren nog 2 jaar in dienst houden. Deze besturen lopen het risico dat zij werknemers op z’n vroegst per schooljaar 2013-2014 kunnen ontslaan?
  • De premie die schoolbesturen moeten betalen aan het participatiefonds, zal als gevolg van deze ontslagen stijgen. Dus de kosten van het doorvoeren van de bezuinigingen zal ook ettelijke tientallen miljoenen gaan bedragen.
  • De samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs PO zullen gemiddeld € 780.000 minder ontvangen voor het uitvoeren voor bestaande en nieuwe taken.
  • De bezuiniging van 300 miljoen leidt tot een verlies van banen en expertise van 385 miljoen. Ondanks dat op ambulante begeleiding vanuit het speciaal onderwijs 57% wordt bezuinigd, moeten de scholen voor speciaal onderwijs al hun ambulant begeleiders ontslaan, aangezien de resterende 43%  van het budget voor ambulante begeleiding wordt overgeheveld naar de nog op te richten samenwerkingsverbanden passend onderwijs.
  • Uitgaande van de GPL voor de functie LB in het (V)SO van zo’n € 60.000 zullen ongeveer circa 6.400 FTE leerkrachten in het (V)SO moeten worden ontslagen. Bij een gemiddelde betrekkingsomvang van 0,75 WTF komt dit uit op een verlies van 8.500 medewerkers.
  • De laatste twee maanden is er een toename geweest van maar liefst 500 thuiszitters doordat zowel scholen voor speciaal- als regulier onderwijs met het oog op de komende bezuinigingen leerlingen met een beperking niet meer toelaten.
  • De bezuiniging van € 300 miljoen op passend onderwijs is voor het regulier en speciaal onderwijs  een cumulatie van bezuinigingen: bezuinigingen op het budget van bestuur en management (€ 90 miljoen), de bezuiniging op de groeiregeling (€ 46 miljoen), de bevriezing van het budget speciaal onderwijs op het niveau 2008 (oplopend tot meer dan 100 miljoen). In dit kader moet ook in ogenschouw worden genomen de ontoereikende bekostiging van de materiële instandhouding (ongeveer € 200 miljoen), de ‘sluipende’ bezuiniging als gevolg van personele lasten die harder stijgen dan de personele bekostiging, de ophanden zijnde bezuiniging op de onderwijsachterstanden (€ 50 miljoen), dalende inkomsten als gevolg van de forse krimp, gemeentelijke bezuinigingen, bezuinigingen op jeugdzorg die de problematiek in de klas verzwaren, miljoenenbezuinigingen op incidentele subsidies. Deze opeenstapeling van bezuinigingen brengt de kwaliteit van het onderwijs en de continuïteit van de schoolorganisaties in gevaar. Schoolbesturen moeten overgaan tot drastische maatregelen als ontslag, grotere klassen, minder begeleiding, langer wachten met vervanging van lesmateriaal, etc.

Goedkoop zal duurkoop blijken te zijn. De huidige besparingen zullen als een boemerang in de vorm van veel hogere kosten bij de minister terugkomen. Ik voorzie een toename van schooluitval, een enorm verlies van expertise en hogere kosten voor jeugdzorg, uitkeringen en gezondheidszorg. Als dit kabinet over vier jaar terugtreedt, zal er door het volgende kabinet gerepareerd moeten worden. Ik ben ervan overtuigd dat de kosten voor deze reparatie veel hoger zijn dan € 300 miljoen. Maar dan is deze minister alweer vertrokken.

Peter Hamers

Passend onderwijs in Lunteren

Dit bericht is geplaatst op Friday, March 25th, 2011 om 13:06  • opgeslagen in de categorieen:

Ik was woensdag 23 maart in Lunteren bij Tien jaar leren in Lunteren. De hele woensdag was gewijd aan Passend onderwijs. Vooral de workshops die ik heb gevolgd, waren interessant! Hier het verslag dat ook te vinden is op www.schoolaanzet.nl.

Tien jaar leren in Lunteren

Passend onderwijs, 23 maart 2011 in Lunteren

Na een welkomstwoord door Roel Weener, algemeen projectleider van Projectbureau Kwaliteit, houdt Henk Keesenberg, landelijke coördinator Passend onderwijs, een inleiding. Zijn inleiding gaat over besturen in samenwerkingsverbanden op weg naar augustus 2012. Minister Van Bijsterveldt bezuinigt 300 miljoen op Passend onderwijs. Vooral de ambulante begeleiding wordt behoorlijk getroffen door deze bezuiniging. De dreun komt hard aan; in feite wordt de bezuiniging van 300 miljoen verdeeld over 300 scholen. Op het gebied van wetgeving heeft de minister niet veel nieuws te bieden. In kort tijd, zegt Keesenberg, moet er een landelijk dekkend netwerk van nieuwe samenwerkingsverbanden komen. Deze samenwerkingsverbanden moeten aansluiten bij het VO.
Keesenberg roept twee bestuurders van de PO-Raad op het podium om ze een paar vragen te stellen over de bezuinigingen van de minister: René van Harten en Wim Ludeke. Volgens Ludeke begonnen PO en SO elkaar weer te vinden. Passend onderwijs brengt bij elkaar, maakt verbinding. De kennis van AB’ers kan leerlingen binnen de school houden in hun natuurlijke omgeving. Op AB’ers wordt 57% gekort, maar er is niets afgesproken over de overgebleven 43%. Ludeke doet de aanbeving aan het PO om in gesprek te blijven met het SO. Het is belangrijk elkaar te ontmoeten; PO en SO hebben een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid.
Van Harten vindt dat het een roerige tijd is voor zijn achterban. Er worden tachtig regionale bijeenkomsten georganiseerd waarin wordt uitgelegd wat er met Passend onderwijs aan de hand is. Het voordeel van die bijeenkomsten is dat er een verbinding wordt gemaakt: PO en SO wisten te weinig van elkaar. De PO-Raad wil graag in gesprek met het SO onder andere over de regiovorming. PO en VO zijn het eens over de doelstellingen van Passend onderwijs: de ingreep van de minister maakt het wel moeilijk Passend onderwijs te realiseren.
Ludeke roept op tot burgerlijke ongehoorzaamheid, maar spreekt tegelijkertijd uit dat zoiets niet past bij het onderwijs. Deze bezuiniging is de druppel: laat merken aan de pers en aan iedereen die het horen wil, dat de bezuiniging waanzin is. Als scholen een week zouden sluiten, is het pleit snel gewonnen, maar het onderwijs zal dat niet doen. Laat echter merken dat het zo niet kan en dat het genoeg is.

Presentatie van Liliane Poppenhuis
Dit poppenhuis gemaakt van duurzame materialen, kan een rol spelen bij de therapie, het diagnosticeren en de behandeling van kinderen die het slachtoffer zijn van (huiselijk) geweld. Een anonieme weldoenster schenkt het poppenhuis aan alle samenwerkingsverbanden. Dit is een schenking van in totaal 400.000 euro.

Workshop: Passend onderwijs voor elke leerling, Beleidsvisie 2011
Bob Ravelli & Wiel Botterweck (beide senior adviseur bij AVS).
Het PO bevindt zich in een turbulent krachtenveld en de invloed van gemeente en overheid zijn enorm, maar het hart van het systeem wordt nog steeds gevormd door de leerkracht en de leerling met daar direct omheen de ouders en het schoolhoofd. Om een passend perspectief te kiezen en te creëren moeten mensen elkaar opzoeken en samenwerken. Betrokkenheid is het draagvlak voor Passend onderwijs. Ravelli en Botterweck onderscheiden drie scenario’s als het gaat om Passend onderwijs:
- Pragmatische insteek vanuit de individuele belangen van besturen en instellingen.
- Schade van verandering en bezuiniging zoveel mogelijk beperken en de pijn eerlijk verdelen.
- Insteek op de vraag wat echt nodig is in de toekomst en werken vanuit een gedeelde visie naar oplossingen voor de toekomst binnen de nieuwe financiële kaders. Dat levert hoogstaand kwalitatief onderwijs op. Wat moet je daarvoor doen en laten?
Ravelli en Botterweck kunnen zich voorstellen dat bestuurders slapeloze nachten hebben van alle mensen die ze moeten ontslaan. Het grootste probleem is de snelheid waarmee de hervormingen moeten worden doorgevoerd. Een aanwezige coördinator van een samenwerkingsverband merkt op dat leerkrachten in het reguliere basisonderwijs geen idee hebben over wat hen boven het hoofd hangt. Ze denken dat het alleen gaat over het SBO en het SO. Een aanwezige bestuurder voegt daaraan toe dat het onderwijs in Nederland een grote bobo-cultuur is waar informatie en kennis maar moeizaam naar de basis daalt. De meeste leraren weten niet waar het over gaat. Dat gold ook voor mij jaren geleden toen ik nog leraar was en WSNS begon. Het is belangrijk bijeenkomsten te organiseren met de basis en samen zorgplannen en –profielen ontwikkelen. We moeten het gesprek met elkaar aangaan.

Workshop: Wie is de baas in het (nieuwe) samenwerkingsverband?
Harry Nijkamp
De workshop gaat over de bestuurlijke kant van Passend onderwijs. Er komen straks ongeveer 80 SWV’en. De SWV’en worden uitgebreid met cluster 3 en 4. Het takenpakket bestaat uit WSNS, plaatsing van cluster 3 en 4 en ambulante begeleiding. Het geld gaat naar het SWV. Duidelijk is dat SWV’en belangrijker worden en meer macht krijgen: meer zorgmiddelen, meer verantwoordelijkheid, meer keuzevrijheid, meer belangen en meer beslissingen. De inspectie zal straks ook toezicht houden bij SWV’en. Daarom is de bestuurlijke verantwoordelijk van SWV’en noodzakelijk. Wie is verantwoordelijk voor wat? Wat is de rol van de schoolbesturen en wat is de rol van het SWV? Volgens de Wet Goed Bestuur moeten schoolbesturen en REC’s per 1 augustus 2011 bestuur en toezicht scheiden. Dat zullen SWV’en straks ook moeten. Belangrijke vraag is: wie is bestuurder en wie is toezichthouder? De verantwoordelijkheid van het SWV is toezien op passend onderwijs voor ieder kind! De schoolbesturen zijn eigenaar van het SWV. Zij moeten de doelen formuleren en aangeven wat passend is. De uitvoering is aan professionals. De directeur van het SWV zal de grenzen van zijn bevoegdheden moeten respecteren. Hij moet objectief toewijzen, maar legt verantwoording af aan het bestuur over het hanteren van grenzen. Policy Governance legt de handelingsruimte van de directeur vast ten aanzien van personeelsbeleid, financieel beleid en onderwijsbeleid. Voor welk bestuursmodel uiteindelijk wordt gekozen, maakt niet zo veel uit; het gaat om de taak van het bestuur. Het is bijvoorbeeld mogelijk te kiezen voor een Raad van Bestuur die toezicht houdt op een directeur/bestuurder. In zo’n geval heeft de directeur veel macht, want de Raad van Toezicht legt alleen de handelingsgrenzen van de directeur vast en mag verder alleen toezicht houden.

Coördinatorennetwerk PO
In de aula van De Werelt waar het congres plaatsvindt, heeft het coördinatorennetwerk PO een stand. Achter de stand staan Luuk van Aalst en Dick Rasenberg. Het netwerk bestaat pas drieënhalf jaar en is de opvolger van het platform van coördinatoren WSNS-samenwerkingsverbanden. Het netwerk beoogt passend verbinden. Volgens Van Aalst en Rasenberg gaat het bij het netwerk om de inhoud op het continuüm van onderwijs en zorg. Het netwerk wil Passend onderwijs in de school brengen via directeuren, IB’ers en gemeenten. Er zijn nu 220 SWV’en en die moeten worden teruggebracht naar ongeveer tachtig. De bezuinigingen zijn slecht getimed, zeggen Van Aalst en Rasenberg, maar tegen Passend onderwijs zeggen zij volmondig ‘Ja’. Het is een probleem dat de ambulante diensten zijn gegroeid als kool. Veel van de AB’ers zijn gewoon leerkracht en in dienst van scholen. Bij de bezuinigingen vliegen straks eerst de jonge leerkrachten eruit en moeten de AB’ers weer voor de klas. Dat baart Van Aalst en Rasenberg zorgen. Bovendien krijgt de reguliere leraar steeds meer voor zijn of haar kiezen. De groepen worden steeds groter en straks komen er meer kinderen met een beperking in de klas. Per 1 augustus 2012 zullen er vanwege de fusies veel minder coördinatoren zijn, maar Van Aalst en Rasenberg denken niet dat de coördinatoren die geen directeur van een nieuw SWV worden, op straat komen te staan. Er komen andere taken voor deze coördinatoren: de ontwikkelingen van onderop moeten behouden blijven. Daar zijn coördinatorachtige mensen voor nodig. Het zal zoeken worden naar nieuwe vormen en niet iedereen zal daar inpassen. Ondanks de bezuinigingen vinden Van Aalst en Rasenberg dat er niet gesomberd moet worden maar dat het onderwijs moet blijven kijken naar kansen. Op 8 april is er een bijeenkomst van de 220 coördinatoren in Den Bosch.

Workshop: Samen kunnen we meer met minder
Samenwerking WSNS en SO voor Passend onderwijs, met rol zorgteam en ZAT
Bart van Kessel en Gerard Bouma
Het speelveld van de samenwerking is Passend onderwijs, zorg in en om de school (zios) (zorgteam en ZAT) en de toekomst van Jeugdzorg (CJG’en) De gemeente heeft de regierol. Het is goed om verwachtingen ten opzichte van elkaar uit te spreken, zeker voor het PO en VO. Straks zitten ze samen aan tafel. Niemand kan het alleen, dus met zijn allen samenwerken. Het gaat erom de jongere te versterken, de naaste omgeving van de jongere en dus ook het onderwijs. De nadruk ligt op signalering en preventie. Iedereen is gewend om in schotjes te deken: PO, VO, zorgteam, ZAT, gemeente, etc. Passend onderwijs maakt een einde aan de idioterie van de schotjes. Het is goed dat de zorgplicht er komt. De essentie van Passend onderwijs is dat de nieuwe SWV’en jongeren handelingsgericht toeleiden naar een passende plek. Zorg in en om de school is een onderdeel van Passend onderwijs. Schoolbesturen moeten aansluiten bij gemeenten en ZAT (verbonden met CJG) voor een multidisciplinaire toeleiding naar onderwijsarrangementen in SBO en SO. Aan deze multidisciplinaire tafel moet ook Jeugdzorg aanschuiven zodat alle lagen eruit worden gehaald. Dat voorkomt bureaucratie en wachttijden en –lijsten. Op deze manier is het mogelijk: Samen meer met minder!

Na afloop
Een onderwijskundig beleidsmedewerker van het bestuur: ‘Passend onderwijs zit in mijn portefeuille. Ik kom naar Lunteren om wijzer te worden en om gelijkgestemden te ontmoeten. De deskundigen kunnen mij voeden zodat ik onze directeuren kan voeden. De workshop over Policy Governance vond ik interessant. Hoe gaat ons nieuwe SWV dat straks aanpakken? Ik heb veel vragen en krijg soms antwoorden en handvatten aangereikt. Verder is het prettig dat ik na zo’n dag het idee heb dat wij het zo slecht nog niet doen. De kracht van dit congres zit in de voorbeelden uit andere regio’s; die werken inspirerend en bevestigend. Passend onderwijs is een complex verhaal; dat voelt soms eenzaam, daarom is het fijn anderen te ontmoeten die met hetzelfde bezig zijn.’
Een opleider/trainer: ‘Ik kom hier om te weten wat er speelt in de praktijk. Waar willen mensen op de werkvloer meer van weten? De informatie die ik naar huis meeneem, ga ik bespreken met mijn collega’s. Vervolgens kijken we hoe we daarop in kunnen spelen als opleidingsbureau. Ook vind ik het inspirerend om praktijkverhalen te horen en leuk om mensen te ontmoeten en om te netwerken.’

MIJN EIGEN WEBSITE

Dit bericht is geplaatst op Thursday, March 17th, 2011 om 13:32  • opgeslagen in de categorieen:

Het heeft lang, te lang geduurd, maar nu heb ik eindelijk mijn eigen website. Er waren altijd ‘belangrijkere’ zaken, waardoor het maken van een website voortdurend is uitgesteld. Maar op maandagavond 14 maart 2011 is mijn website on line gegaan. Ik ben er trots op en ben nieuwsgierig naar jullie mening. Reacties naar peter.hamers@home.nl.

VOOR EEN COMPLETE LIJST
kunt u graven in de archieven
LIJST MET OPDRACHTGEVERS

Klik hier

SPREEKT DEZE SITE U AAN?

neem contact op!